Eindejaarsweekend Zoersel

3 tot 5 december 2010

Al een hele week lang speuren we de lucht af en luisteren bezorgd naar de onheilspellende weerberichten. Het sneeuwt en het is bitter koud. We vragen ons af of we er zullen geraken. En met hoeveel?

Vrijdag, de banen zijn meestal vrij en goed berijdbaar. We komen rond 14 uur aan. Zoersel, ‘De Groene Parel van de Kempen’ ligt er wit bij. Meteen stellen we vast dat zwervers ook doorzetters zijn. Op het sneeuwtapijt staan al heel wat wagens geparkeerd. Ze zullen blijven toestromen tot er uiteindelijk 62 keurig verdeeld staan op de twee beschikbare parkings.

Het grote aantal deelnemers wordt verdeeld in vier groepen: Sinterklazen, Zwarte Pieten, Speelgoedjes, Snoepjes. Zo kan iedereen van hetzelfde programma genieten, zij het in een andere volgorde. We komen terecht bij de snoepjes en moeten ons reppen. De groep vertrekt al met enkele wagens voor het eerste bezoek. We kunnen nog net instappen bij Frans en Jeanne en rijden naar het fietsmuseum. We krijgen meteen een wedstrijdformulier onder de neus gestopt. Aan de hand van enkele foto’s dienen we een aantal voorwerpen te identificeren die, zo blijkt, allemaal iets te maken hebben met de fiets. Ooit al eens een kokertje gezien om een fietslamp in te bewaren? Of een doosje met zwevende bolletjes dat moest dienen om een lek op te sporen bij een platte band? Of nog, heel toepasselijk, sneeuwkettingen voor de fiets?

Het museum blijkt de collectie te zijn van een fietsenmaker, een verwoed verzamelaar. Fietsplaten, reclameborden van al dan niet verdwenen fietsmerken, onderdelen, accessoires, maar vooral een verbazende verzameling oude rijwielen. Het kleine lokaal staat barstensvol. Van de allereerste houten loopfiets, over de grote bi naar de vooroorlogse cardan aangedreven fiets. Merknamen zoals Peugeot, maar ook Opel, NSU en Miele! Na het bezoek rijden we terug naar de motorhome.

Verwarming OK? Water OK? Batterij OK? Alles in orde.

Boterhammetje eten en het is al tijd om een eerste keer naar feestzaal ‘Lamme Goedzak’ te trekken voor een gezellig samenzijn en overzicht van het voorbije jaar. Wat hebben we allemaal weer meegemaakt, maar ook, wat hebben we moeten missen? Bij het zien van het eerste deel, met wat onverwacht vreemde kleuren, kijkt Julien, die er eens te meer een boeiende presentatie heeft van gemaakt, een beetje sip. De projectie-installatie van de zaal laat hem immers in de steek. Maar geen nood, mits wat kunst- en vliegwerk en het bijsleuren van eigen materiaal wordt alles tijdens de pauze opgelost. We krijgen een tweede deel met juiste en mooie kleuren. Dank je wel, Julien en proficiat. Nog wat napraten bij een pintje en terug naar de motorhome.

Verwarming OK? Water OK? Batterij OK? Alles in orde. We kunnen onder de dekens.

Zaterdag, ons groepje vertrekt al om 8u45 te voet naar het Lindepavil-joen. Het herbergt de trots van Zoersel, een Lindestam van 800 jaar oud, die in 1974 zijn plaats in het midden van het dorp moest afstaan aan de moderne tijd. Maar de oude Linde komt terug tot leven door de handen van twee kunstenaars: Pol Van Esbroeck en Mariëtte Coppens. Pol laat uit de stam het verhaal van het dorp en zijn inwoners verschij-nen aan de hand van 85 figuren: de pater, de non, de duivenmelker, Mie Man, de eerste vrouwelijke burgemeester, schoolgaande kinderen, enz. Mariëtte tovert uit de takken zeven fijngevoelige ontroerende beelden, het verhaal van ‘De Loteling’ van Hendrik Conscience dat zich afspeelt in het Boshuisje in het natuurgebied Zoerselbos. Het is stil in de groep als de gids de betekenis van elk beeld verklaart.

Na het bezoek gaan we terug naar de parking waar nog twee andere groepen aansluiten voor een flinke wandeling door het Zoerselbos in de voetsporen van de Loteling. Het moet gezegd: zwervers zijn weerbestendig. Na storm en regen tijdens het verrassingsweekend kan er nu toch wel koude en sneeuw bij zeker? Hoeveel onder nul vroor het ook al weer? Niets van aantrekken. Prachtig toch dat witte glinsterende landschap en die bomen met sneeuw in hun oksels en op hun takken. Terug naar de motorhome voor een snelle hap want we moeten straks klaar staan voor het volgende bezoek.

Oei! De weergoden zijn van gedacht veranderd. Het is nog eens gaan sneeuwen. Met een beperkt aantal wagens met stevige banden en de beste chauffeurs rijden we voorzichtig naar het clubhuis van de ‘Koninklijke Antwerpse Zweefclub Meeuw’ in Malle. De voorzitter, zelf een ervaren zweefvlieger, vertelt honderduit. Hoe krijg je een zweefvliegtuig in de lucht? Hoe en waarom blijft het zweven? Hoe wordt er geland? Druk, onderdruk, thermiek. Aan de reeks vragen achteraf moet een einde gemaakt worden zodat we nog eerst een vliegtuig in de hangar kunnen bekijken om dan voor het (te) donker wordt naar Zoersel terug te rijden.

Verwarming OK? Water OK? Batterij OK? Alles in or-de.

Om 19 uur zitten we in de feestzaal voor aperitief, feestmaal en dansje. In Zoersel eet je lekker en zeker niet te weinig. De muziek doet het bij velen kriebelen. Kletsen en dansen tot in de (late) vroege uurtjes. Is het door al die energie dat het buiten begint te dooien?

Verwarming OK? Water OK? Batterij OK? Alles in or-de. Naar dromenland …

Zondag 9 uur. We zitten alweer in de feestzaal voor een gevarieerd ontbijt. Zwervers die er de voorbije dagen niet konden zijn, komen nu ook de zaal binnengewandeld.

10u15. Nu wordt het serieus. Het programma voor 2011, waarnaar we allemaal zo nieuwsgierig zijn, wordt voorgesteld. Eventjes laten bezinken. We melden voor welke activiteiten we interesse hebben.

Probleem: Hoe leggen we straks uit aan onze kinderen dat we ook volgend jaar zo weinig thuis zullen zijn?

Nu nog afscheid nemen van de zwervers. Tot heel binnenkort.

Het is weer goed geweest …

Hartelijk dank aan allen die zich voor dit fijne weekend hebben ingezet.

Christine en Marcel