Rondrit in het Parc Naturel Régional du MORVAN

van 23 september tot 4 oktober 2007

 

Dagen op voorhand zijn we bezig met ons ‘noodrantsoen’ te vergaren, maar nu staat er ons niets meer in de weg. We vertrekken naar de ’MORVAN’.

Zondag: In het zonovergoten Noyers-sur-Serein worden we verwelkomd door de organisatoren en de andere motorhomevrienden. Nog dezelfde dag wanen we ons kasteelheren en -vrouwen en bezoeken we de ruïne van het kasteel. Onder de sterrenhemel volgt de eerste briefing en welkomstdrank.

Maandag: Na een heel rustige nacht verwacht de plaatselijke gids, in klederdracht, ons voor een stadsrondleiding. Hij is tevens eigenaar van één van de door hem gerestaureerde stadstorens, waar we eveneens naar toe gaan.

In de namiddag bezoeken we in het museum van het kasteel Montjalin de presidentiële wagens. De kasteeleigenaar denkt dat we heel Frankrijk gaan rondrijden want hij wil persé dat we allemaal een folder kopen van alle automusea. Bij het buitengaan rammelt hij nog eens met zijn metalen geldbus om onze aandacht te trekken.

De parking in Avallon is deels gereserveerd voor onze overnachtingplaats. ’s Avonds gebeurt het! Luc verjaart vandaag en dat gaan we vieren, maar ……… de regen is spelbreker. In zeven haasten versieren Luc en Marie-Paule een cafébaas die zijn overdekt terras met één vingerknip omtovert in een zaaltje waar we gezellig kunnen briefen.

Dinsdag: om 10 uur, voor het indrukwekkende standbeeld van Vauban, wacht Inez, een Nederlandstalige gids, ons op voor een rondleiding in Avallon. We wandelen langs de remparts, tot aan ’la Petite Porte’, met prachtig uitzicht op de vallei en bezoeken onderweg de Lazaruskerk.

’s Middags rijden we naar camping ’Sous Roches’ en vandaar vertrekken we naar ’Atelier Verrerie d’Art’, de ene groep per fiets, welke na het bezoek nog een fietstocht maken, en de andere groep te voet of met de motorhome. De glasblazer verklapt ons alles over de grondstoffen om glas te maken en te kleuren en demonstreert ons de kunst van het glasblazen.

In het zaaltje op de camping trakteert Luc voor zijn verjaardag en we sluiten weeral een mooie dag af.  

Woensdag: Heel vroeg is iedereen in de weer om alles te lozen en te vullen want, we worden om 10u15 al 20 kilometer verder verwacht bij de ‘Miellerie La Croisée’ in Rouvray. In de namiddag is er een rondleiding in ’La Maison Vauban’ te Saint-Léger- Vauban, geboortedorp van Maarschalk Vauban. Vijf kilometer verder, aan de Abdij Ste. Marie de la Pierre qui Vire hebben we een rustige standplaats voor twee nachten. Een bevriend echtpaar trakteert ’s avonds voor hun nieuwe motorhome, en Magda trakteert eveneens voor haar verjaardag, zodat we weeral een avond vullen met drank en versnaperingen.  

Donderdag: Heel de nacht regent het. Al gauw worden we verwittigd dat de fietstocht rond het meer van Saint-Agnan niet doorgaat maar, voor de liefhebbers, vervangen wordt door een boswandeling tot aan het meer.

Iris wandelt met de anderen rond de Abdij.

’s Middags genieten we samen van een echte ’Assiette Morvandelle’.

De voornaamste opbrengst van de bio-boerderij van L.P.Q.V. is de productie en verkoop van kaas. Hier krijgen we onder meer een gedetailleerde uitleg over het mechanisch melken van de koeien en geiten en kunnen we proeven van de verschillende kaassoorten.

Bij de briefing wordt er alweer getrakteerd voor een nieuwe motorhome en door Suzanne en Jan voor hun 49ste huwelijksverjaardag.  

Vrijdag: Het regent nu al een dag en twee nachten onophoudend, maar we rekenen er op dat de zon terugkomt.

In de Abdij bezoeken we de bibliotheek en een tentoonstelling, en zien een film over het dagelijkse leven van de monniken.

Individueel verplaatsen we ons naar de parking van het Maison Du Parc te St. Brisson. Daar wordt de lattenwandeling in de tuin, wegens te veel regen, afgelast, alhoewel enkele de regen trotseren en toch gaan wandelen op de overgelopen paden. De organisatoren zoeken en vinden een café-bistrot waar we kunnen samenzijn maar, we moeten wel één klein stoeltje per motorhome meenemen, aangezien het café maar over een 20-tal stoelen beschikt. Zoiets vind je alleen maar in de Morvan denk ik ’een café zonder…… stoelen’.  

Zaterdag: Heb je het ook gehoord?. Heb je het ook gevoeld?.  WAT?.  Het regent niet meer en de zon schijnt.

Bij het Maison du Parc vertelt Joyce, een Nederlandstalige gids, ons zeer geanimeerd over de Morvan. We luisteren geëmotioneerd naar de legende van de dolmen van ’La Pierre-qui-Vire’ en naar het verhaal over de voedsters van de Morvan. We bezoeken het museum ’Maison des hommes et des paysages’ en het museum van de verzetstrijders.

In Gouloux bij de saboterie demonstreren ze ons het mechanisch klompenmaken en met z’n allen wandelen we daarna naar de ’Saut du Gouloux’.

’s Avonds trakteert er weer iemand voor hun nieuwe motorhome en we slapen daarna eens zo goed op de parking van de plaatselijke gemeentelijke feestzaal.  

Zondag: De dag begint mistig maar eens we aan het Lac des Settons zijn is de zon al volop van de partij. Met een aanzienlijke groep wagen we het erop: ’De fietstocht rond het meer.’ Na enkele kilometers zijn er al die tot hun enkels in de modder blijven steken. We rijden over stenen, boomwortels, in plassen, lopen over paletten die op de grote modderplassen gelegd zijn, omdat het eigenlijk niet te doen is, maar met Luc voorop weet men nooit waar men komt. We stoppen om een afgelopen ketting terug op te leggen, plakken een lekke band, worden door wandelaars gewaarschuwd voor de slechte boswegen, maar wij Zwervers regio Leuven, geven niet op. Vuil maar voldaan voleindigen we onze bosrit. De fietsen worden rijkelijk met water afgespoten en zijn alweer gereed voor de volgende trip.

In de namiddag, in Ouroux-en-Morvan, gaat er een groep wandelen naar Fontaine Bellie en een andere groep fietst naar het kerkhof van de verzetstrijders.

Nadien leveren de douches op de camping hun werk, en nadat we allemaal gewassen en gestreken zijn krijgen we uitleg in het kaarsenatelier. In het museum van de Tonnellerie zien we een film over de artisanale en de moderne wijze van het tonnen maken, gevolgd door een wijndegustatie en de dagelijkse briefing.  

Maandag: Vandaag gaat het wat rustiger. Voor de durvers heeft Luc nog een fietstochtje voorbereid naar de kapel van Savault.  Drie man: Louis, Freddy en Roland, willen het toch maar proberen. Alles valt best mee: asfaltwegen en enkele pittige hellingen. De sleutel voor de kapel is af te halen op een typische boerderij uit de Morvan. De klim naar de kapel was ’buiten categorie’, maar de moeite waard. Een uniek zicht en een twaalfde eeuwse kapel met enkele prachtige middeleeuwse beelden en grafsteen geven er uitleg over de jumelage tussen kunstenaars en 32 gehuchten in de Morvan. Voor de vier fietsers is het alvast een geslaagde voormiddag.

Te Lormes, aan het meer van Goulot, hebben we een prachtige standplaats.

In de namiddag vertrekt bijna heel de groep voor een nieuwe, onbekende sportbeoefening, namelijk ’eikelschuiven’. De wandeling in de Gorges de Narvau is een belevenis. We moeten zelf niet stappen, eventjes de bodem met de voeten aantippen is genoeg om enkele meters verder te komen. Het is prachtig: een stromend beekje, watervallen, metershoge buxusbomen, met mos en paddestoelen begroeide rotsblokken… Ik waan mij in het ’Aards Paradijs’. Onderweg is er ook voor voedsel gezorgd: bramen, kastanjes, peren en rondvliegende appelen.

De aperitief staat al klaar als we terugkomen en samen overlopen we nog eens de belevenissen van een mooie zonovergoten dag.  

Dinsdag: Vooraleer we naar Bazoches rijden, wandelen we door het oude centrum van Lormes.

In de namiddag bezoeken we, met gids, het kasteel van Bazoches, het oude leengoed van Maarschalk Vauban. We staan stil bij het graf van Vauban in de plaatselijke Sint Hilariuskerk, en gaan nadien samen genieten van een overheerlijke maaltijd in de Auberge de Bazoches.  

Woensdag: Niettegenstaande de regen hebben we heerlijk geslapen boven op de parking bij het kasteel. ’s Morgens hangt heel het dal vol mist, die langzaam optrekt en een prachtig panorama oplevert over het dorpje.

In Saint Père zijn Gallo-Romeinse thermen blootgelegd ’Fouilles des Fontaines Salées’. We bezoeken de site en vernemen alles over de zoutwinning. Bij de opgravingen zijn voorwerpen gevonden welke we gaan zien in het regionaal archeologisch museum. De naastgelegen gotische Onze Lieve Vrouwkerk prijkt aan de voet van de heuvel van Vézelay. Uitleg en degustatie bij Henry de Vézelay sluiten de activiteiten van een drukke dag af. De weergoden zijn ons goedgezind en onder een sterrenhemel houden we op de gemeentelijke camping te St. Père, de laatste maal briefing. De laatste flessen die nog leeg moeten, maken de tongen goed los en allemaal genieten we nog van deze voorlaatste avond.  

Donderdag: “Het is niet ver, een beetje vals plat en we zijn in Pierre-Perthuis” en daarom rijden de meesten met de fiets. Al goed dat er een paar brave zielen de enkele slakjes mee naar boven duwen. Bedankt Luc en Louis want anders was ik nu denkelijk nog aan het klimmen! Intussen zijn de motorhomes ook aangekomen en samen wandelen we naar de oevers van de Cure met zijn Vaubanbrug, het 33 meter hoge viaduct en de oude Romeinse brug. Via de GR13 en de ruïne van een oude molen wandelen we terug naar het dorp. De fietstocht brengt ons naar ‘La Roche Percée’, een zes meter hoge doorboorde rots. Na een heel steile klim en dan vier kilometer naar beneden zijn we terug op de camping.

De laatste verplaatsing is naar de parking van Vézelay, pelgrimsoord van de Sint Jacobsroute naar Santiago de Compostella.

Ze is terug!   Wie ? Inez, onze gids, neemt ons mee door de steile straatjes van Vézelay, vertelt ons alles over de Sint Madeleine basiliek en wandelt met ons over het terras met zijn prachtige vergezichten.

Vooraleer we naar de Auberge de la Coquille vertrekken voor het afscheidsdiner bedanken we de organisatoren voor de prachtige reis en voor al het door hen gedane werk met een cadeau van streekproducten.
Ook wij worden nog verrast met een mooi wijnglas.

Het is weer een lekkere typische maaltijd. Tussen de gerechten door vertelt Luc ons dat het heel wat werk vraagt om zo’n reis voor te bereiden: de verschillende instanties die moeten aangeschreven en persoonlijk bezocht worden om zulks te realiseren, en dat het soms pas op het laatste is dat er een bevestiging komt. Hij verklapt ons terloops ook het geheim van de goede werking van de organisatoren: “ze deden alles intiem”, of liever “in team”. Deze woordspeling zorgde natuurlijk voor hilariteit. Als verrassing krijgen we per motorhome nog een cadeaupakket met drie flessen wijn van het huis ‘Henry de Vézelay’.

Bij deze wil ik nog eens hartelijk bedanken:

-         Roland voor zijn uitgebreide en duidelijke vertalingen. Zowel de kasteeleigenaar waar we de presidentswagens gingen bezoeken, de imkervrouw bij de bijen, de boer op de bioboerderij, als de gids bij het Vaubanmuseum waren onder de indruk van de uitgebreide kennis van Roland. Hij gaf ons zelfs meer tekst en uitleg dan de respectievelijke gidsen.

-         Monique voor haar vlotte vertaling bij de glasblazer.

-         de organisatoren voor hun prachtige organisatie en onvermoeide inzet, en omdat zij zo goed gezorgd hebben voor ons levensonderhoud onder de vorm van toast, water, soepje, appel, cappuccino, suiker en cornflakes.

-         alle vrienden-reisgenoten voor hun kameraadschap.

Hopelijk zien wel elkaar nog eens allemaal terug op een nieuwe reis naar ?????

 

Lea  en Ludo Segers.