Natuurpark Livradois - Forez

van 5 tot 17 juni en van 19 juni tot 1 juli 2011

 

Om niemand te belasten met het voortdurend noteren en opletten om een fatsoenlijk verslag te schrijven, hebben we allen samen wat bijeen gespaard en dit is het resultaat:

Zondag 5 juni

Door het vriendelijke onthaal voelen we ons, als nieuwelingen op een reis, onmiddellijk goed in de groep. Het belooft goed te worden!

Twintig renners maken zich klaar om de eerste etappe van de ‘ronde van de Livradois’ te rijden. Er zijn op het eerste zicht drie ploegen: de gelen, de oranjen en de neutralen. De gelen genieten een grote belangstelling (van kleine vliegjes wel te verstaan). Na het startschot gaat het langzaam door de bewoonde wijk, om dan verder aan grote snelheid de berg af te donderen, met snelheden van 40 km per uur. Voor mij is dit heel snel, maar na enkele kilometers is de euforie rap over, als we enkele hellingen moeten nemen. Het is dan meer een gekleurde elastiek in het landschap. Na het bezoek van enkele echte droge kapelletjes, kan het stevige rennerswerk beginnen. Een klim van 5 km met als einddoel de motorhomeparking, waar de meesten van uitputting in de ligzetel terecht komen en het eerste half uur niet aan te spreken zijn.

Zondag 19 juni

Ook met de tweede groep begint de reis met een ‘testrit’ op de fiets om te zien wie de volgende ritten mee kan … en tot verwondering van Luc kan iedereen mee!

We fietsen door de natuur, naast velden van rijp koolzaad, omzoomt door felblauwe korenbloemen. Dat was van in mijn jeugd geleden (dus heel lang) dat ik die nog gezien had. Na de grote bergaf volgt een venijnig klimmetje naar een kerkje dat open is. En uiteindelijk komt de hele klim naar Charroux, maar iedereen bereikt de eindmeet. Na een drankje en wat rust onder een zonnige hemel, verzamelen we in het voetbalzaaltje voor de briefing. Het is een fijn begin van deze Livradoisreis.

Maandag 6 juni

Gerommel op het dak van de motorhome betekent een ferme sloot regen die ons ‘s morgens tot het laatste moment in bed houdt. Op het programma een bezoek aan een mosterdbedrijf en een artisanaal lekstokkenbedrijf in Charroux. De basismosterd, een graanmosterd waarvan meerdere smaakmosterds zijn afgeleid en ook een graanloze straffere mosterd worden gefabriceerd. Na een uurtje van proeven en kopen, wisselen we en komen we de eerste groep tegen, met een smile tot achter hun oren van het likken. Bij ons is het tegengesteld: allen verzuurd van de mosterd. In ‘La Boite à Sucre’ wordt de glucose via een welbepaald procedé verwerkt tot artisanale likstokken, beschikbaar in wel 20 smaken ‘heerlijk’! Na de middag worden we door Stephane, een leuke gidse van Charroux, door het stadje geleid dat nog slechts 390 inwoners telt en waar meer dan 300 waterputten waren in vervlogen tijden. De zon is terug en het wordt gezellig warm. Na een verplaatsing volgt de gebruikelijke briefing en de terugkeer van ‘de doos’ op de nieuwe parkeerplaats te Iloa op de ‘Base de Loisirs’ in Thiers.

Maandag 20 juni

De eigenares van het mosterdfabriek legt met hart en ziel de fabricage van de mosterd uit en inspireerde ook andere handelaars om een winkeltje te beginnen. Een knappe franse dame van het lekstokkenbedrijf legt ons het maken van deze zoetigheid uit. We krijgen een ‘sucette’ in de vorm van een bloem, om ons te ‘sussen’(???).

Vele andere winkeltjes krijgen nog onze aandacht: zeep, kaarsen, kant, potten, streekproducten … Prachtig is de verzameling oude klokken in ‘La maison de l’Horloge’. Dezelfde Stephane van de eerste groep leidt ons rond en op het einde krijgen we de verrassing van de dag: op vraag van de burgemeester komt een filmploeg ons filmen, terwijl de gids uitleg geeft. Zo worden wij, Zwervers Leuven, beroemd in gans Frankrijk!!!

En wie dacht dat we ons daarna zomaar naar onze volgende locatie kunnen verplaatsen, heeft het mis! Is de duivel ermee gemoeid of zijn het de zonne-erupties??? Vier afstandsbedieningen doen het niet en Leo krijgt zijn wagen niet aan de praat. Met verenigde (man)kracht geraakt zijn rijdend huisje van de blokken en een vrouwenhand krijgt de motor draaiend. We geraken dan toch allemaal in Thiers. Als apotheose van de dag biedt Gilberte ons een uitgebreide drink aan voor haar nieuwe motorhome!

Dinsdag 7 en 21 juni

Vandaag onderneemt de groep een risicovolle wandeling om het gps-vermogen van Marie-Paule te testen. Door de stressverhogende controle van Luc gaat het hier en daar wel eens de verkeerde richting uit. Niettemin krijgen we een mooie wandeling aangeboden en geven we aan onze nieuwbakken gps-ster een onderscheiding om ons heelhuids terug bij de motorhomes te brengen.

Na de middagpauze fietst de bijna voltallige groep naar de fromagerie Garmy. Daar wordt de deskundige uitleg onderbroken door het gedrag van enkele testosteronnen, bij het verschijnen van een Italiaanse schone die ‘haar mannetje’ staat als chauffeur van een vinnige 40-tonner. Een film en proevertjes van alle specialiteiten vervolledigen ons bezoek.

Het relaas van de halte in een cafeetje op weg naar de parking, zal te lezen zijn in de lokale pers …

Het volgende verslagje begint maar om 20.00u. Niet dat het bezoek aan de kaasfabriek van de namiddag of de voormiddagwandeling niet fijn waren maar een mens moet zijn prioriteiten weten te leggen.

Het toetje van de dag is steeds de briefing. De meesten van ons zijn dan al klaar voor de lappenmand en moeten zich vermannen om een stoel te pakken en in de kring te gaan zitten. Eens gezeten zijn we weer blij dat we bij elkaar zitten. Na een korte en duidelijke uiteenzetting van de activiteiten voor de volgende dag door Marie-Paule of door Luc begint het echte werk! Luc heeft mij niet echt overtuigd, want als alles klopt wat betreft hoogteverschillen en afstanden, dan ligt de Livradois minstens vijfduizend meter onder de zeespiegel. De hoogste toppen kan Luc perfect reduceren tot een A4-formaat. Als het vonnis voor de volgende dag ook nog op papier is uitgedeeld komt de toverdoos boven. Ja inderdaad, hier gebeurt iets wat me doet denken aan een verhaal van 2000 jaar geleden over vijf broden en twee vissen. Ook hier kan men zich naar hartenlust laven, de doos blijft gewoon vol! De avonden zijn echt gezellig. Het doet deugd met vrienden ondereen te zijn.

De ultieme test ondergaan we op deze 21ste juni.

Net toen iedereen fijn gezeten is, gaan de hemelsluizen open. Enkele harden blijven ondanks alles onder een paraplu zitten, doch na een tijdje moeten ook zij wijken. Maar eenmaal de bui over komt de een na de andere terug boven water en het bewijs is geleverd dat we voor geen geld onze gezellige avonden samen willen missen!

Woensdag 8 en 22 juni

Vanop de parking van Thiers gaat de wandeling steil, soms heel steil omhoog naar het stadscentrum. Enkele rustpunten zijn de schatten die ‘toevallig’ op onze weg liggen. Direct zijn er enkelen die enthousiast mee helpen zoeken: de schatten moeten en zullen gevonden worden. En met succes! Vooral Guidoke ruikt als het ware waar ze liggen, breekt als het moet een halve muur af en roept dan triomfantelijk: “Gevonden!”. Daarna wordt alles netjes op zijn plaats gezet en gaat de tocht verder tot in het restaurant. Hier krijgen we een typisch streekgerecht voorgeschoteld: patatjes met spekjes en kaas, zeer stevige kost, met vlees en salade.

Met een gevulde maag gaan we bergafwaarts naar het museum van de ‘Coutellerie’, de wereldbekende messenmakerij van Thiers. In de ateliers wordt het proces echt getoond: plat op de buik op een houten plank boven een draaiende slijpsteen en met de hond op de voeten om warm te blijven. Gevaarlijk werk, zeker als de slijpsteen af en toe explodeert. Het ineenpuzzelen van de messen is dan weer niet gevaarlijk, maar wel tijdrovend: 16 uur voor een klein mes … vandaar ook de flink hoge kostprijs.

Donderdag 9 en 23 juni

We bezoeken de ‘Pisciculture du Moulin du Clos’. Sedert vijf jaar kweekt de eigenaar hier forellen, verschillende soorten vissen om op vijvers te zetten en siervissen. De kweek begint in november, binnen in bakken met water uit de naastliggende vijver, die door zijn hoogteverschil en dank zij de zwaartekracht alles zonder pompen laat werken. We zien alle maten en gewichten van vis: van de kleinste forellen, tot de grote ouders voor de kweek. Tijdens de aankoop van forellen vieren we in de eerste groep de verjaardag van Jeannine. Proficiat! Paul, die trakteert, wordt door een van de honden uitbundig afgelikt na het maken van een foto van hem. Zelf gaan vissen kan er niet meer bij door gebrek aan tijd. Spijtig!

De ganse namiddag gaan we op zoektocht met kompas en kaart, naar genummerde paaltjes die met graden en meters te vinden zijn. Knap in elkaar gestoken door Luc die ons op die manier drie uur bezig houdt. Moe maar voldaan gaan we tegen de avond naar het zaaltje waar Iris, Georgette, Marie-Paule en Julien alles hebben klaargezet voor een lekkere kaas– en wijnavond.

Vrijdag 10 en 24 juni

Al vroeg starten we richting Saint-Gervais-sous-Meymont. Agnes en Jaak (uit de eerste groep) moeten zodanig uitwijken dat ze vast geraken in de berm. Na wat over en weer gaan, komen ze toch terug in het juiste spoor.

In het ‘Maison du Parc’ vernemen we het ontstaan van het natuurpark, initiatief van de bevolking zelf. Eén van de doelen is de natuur te beschermen en kleinschalige ambachten aan te trekken en nieuw leven in te blazen, om de ontvolking tegen te gaan. We leren dat het water de motor is van praktisch alle activiteiten!

In de namiddag bezoeken we in Olliergues de houtdraaierij, waar de burgemeester ons een fraaie demonstratie geeft. Zijn vrouw toont ons de techniek voor het pottenbakken. Roland voegt, na een kwartiertje les, al een kunstwerkje toe aan de collectie. Ook dat van Marie-Paule pronkt op het droogschap. Ze mogen het morgen komen halen …

Als volgende in de rij, bezoeken we het ‘Ile aux crayons’. Op het eerste zicht zijn we in een vergeten houtstal beland, maar al vlug vernemen we van de kolossale man dat dit zijn voorraad hout is. We hebben snel door dat hij een ‘eigenaardige kunstenaar en filosoof’ is. De demonstratie ‘potloodmaken’ lijkt onwaarschijnlijk en zeer origineel.

En zoals elke avond zitten we samen voor de briefing, gevolgd door een gezellige avond bij een tafel vol drank en de nodige knabbels …

Zaterdag 11 en 25 juni

Na een verkwikkende nacht stappen we samen richting kasteel en maken we een wandeling door het ‘terrassendorp’ Olliergues. We trotseren alle trappen en steile hellingen om toch maar van alle zichten op het dorp te kunnen genieten.

Na de middag brengt de gps ons naar Le Brugeron. We worden hier ondergedompeld in het zeepverhaal. Na de uitleg weten we dat het geheim vooral te vinden is in scheikundige reacties. Kopen kan en achteraf krijgen we nog elk een ‘zeephartje’ toegestopt.

Een derde bezoek voor deze dag verloopt bij de eendenboer van ‘Les Canards d’Agathe’ in Olmet. We horen het ganse levensverhaal van zijn eenden. Vanaf 14 dagen oud is hun verdere leven hier geprogrammeerd, richting foie-gras. Men kan er voor of tegen zijn, maar de mens doodt dieren om te overleven, zij het hier en daar wat geforceerd. Alles is hier opvallend proper!

Aansluitend op het eendenverhaal worden we vergast op een heerlijke maaltijd!

Zondag 12 en 26 juni

Een vroege verplaatsing brengt ons van de eendenboer naar de parking boven op de Col des Supeyres. Een natuurwandeling boven op het plateau van de col van ± 7,5 km leert ons het leven rond de Jasserie, een typische woning in de Haut-Forez. Swa en Anja moeten al snel afhaken wegens voetproblemen. Magda verzwikt haar enkel, met achillespeesproblemen tot gevolg. Op de middag eten we een maaltijd met locale specialiteiten (kaas, worst en gerookte ham). Een klein museum stelt het leven van de colporteur (de marktkramer) en zijn familie voor.

Een verplaatsing van ongeveer 10 km brengt ons naar Saint-Anthème, de slaapplaats op een motorhomeparking voor de camping Rambaud.

Daarna is iedereen vrij tot de volgende namiddag.

Zes dapperen wagen zich vandaag al aan de beklimming van de Col des Supeyres, want de voorspellingen geven regen voor morgen (eerste reis). Huguette vertrekt als eerste, Louis een beetje later, Marie-Paule, Luc, Ludo en ikzelf (Paul) nog 10 minuten later. Een klim van iets meer dan een uur veegt alle vermoeidheden weg. Een gezonde inspanning die leidt tot euforie die moeilijk te verwoorden is. Enkele foto’s en een snelle afdaling met een bevredigend gevoel en enige trots van de deelnemers, besluiten de rit. Een gezellige avonddrink met briefing beëindigt een geslaagde dag!

Maandag 13 en 27 juni

Wat in de eerste groep een ‘rustvoormiddag’ is bij een miezerig weertje, wordt in de tweede groep een snikhete ‘pufvoormiddag’. Het beklimmen van de Col des Supeyres met de fiets wordt gestart door Marcel die al om 8 uur vertrekt. Luc, Paul en Roland vertrekken om 9 uur onder een snikhete zon. Na twee uur wacht hen een warm onthaal met kussen en bloemen. De ceremonie krijgt tijdens de briefing ‘s avonds nog een vervolg met champagne en de nodige foto’s.

In de namiddag begeven we ons naar Saint-Martin-des-Olmes. Twee strenge juffrouwen in tenue doen de bel luiden en zwijgend in twee rijen mogen we binnen. Velen onder ons zweven terug naar de tijd van toen en nog vroeger. Alle elementen uit die tijd zijn bijna levend aan te voelen. De sfeer in de klas, de kachel, de akelige meester, de didactische hulpmiddelen, het speelgoed met ook hier het verschil tussen arm en rijk en last but not least de huisvesting van de laatste juffrouw. We kunnen ons vandaag nauwelijks inbeelden dat het ooit zo geweest is. Om af te ronden laten de juffrouwen ons met pen en inkt een vleugje nostalgie beleven.

We besluiten onze dag in ‘de bossen van Richard de Bas’, waar het heerlijk fris is tijdens de briefing en het gezellig samenzijn.

Dinsdag 14 en 28 juni

Na een verplaatsing naar Ambert, bezoeken we ‘La maison de la Fourme d’Ambert’. Onze kennis over deze lekkere kaas wordt hier vervolledigd. We logeren aan het oude station.

Tijdens de eerste reis genieten we van een zachte, droge avond, na de ietwat frissere dagen. Bij de tweede reis is het vandaag, evenals gisteren snikheet! En natuurlijk komt daar gedonder van. Maar wie dacht dat Zwervers Leuven hun dagelijkse briefing en het gezellig samenzijn hierdoor zouden zien in het water vallen, is mis! De paraplu’s worden uitgehaald en er wordt verteld, gelachen, gefotografeerd, gedronken en gesnoept … Na een klein uurtje is de bui over en als dit geen teken is van samenhorigheid !?!

Woensdag 15 en 29 juni

Tut-tuut … De trein zet zich in beweging, maar niet voor lang … de wissel ligt niet goed … achteruit, wissel verleggen en weg richting La-Chaisse-Dieu.

Met een gezapige snelheid rijdt het Michelinneke door weilanden, bossen, langs afgronden … Gedurende de reis worden we op de hoogte gehouden van wat er te zien is en daarna wordt alles deskundig vertaald door onze aangeworven tolk. Regelmatig worden ze onderbroken door de machinist die in zijn sas is met de toeter die bovenop het treinstel gemonteerd is.

In La-Chaise-Dieu neemt een ‘gidse’ een groep op sleeptouw door het oude stadje. In de ‘Salle de l’echo’ heeft een geheimzinnige dame mij een vertrouwelijke mededeling gedaan die ik moet uitvoeren, wat ik dan ook doe. Na de stadswandeling wordt de ‘gidse’ bedankt met een applaus en een kus van iemand uit het publiek. De andere groep volgt Luc.

Tijdens de tweede reis is het zo mistig dat we aan het prachtige uitzicht over het meer, het meer niet zien! Myriam schuift uit en mist op een haar na het zwemverbod. Met twee stokken stapt ze dapper verder. En daar blijkt er zomaar een wandelstok in de natuur te groeien … van een praktisch toeval gesproken!

Na het middageten leidt een geestelijke ons bijna twee uur rond in de abdij, waar het zeer koud is. Eén van onze vrouwen kan het niet laten om te vragen of de pater (eerste reis) geen koude voeten heeft …

Na een warme drank met een streektaartjetuffen we terug naar Ambert.

Donderdag 16 en 30 juni

Onder een stralende hemel, na een nacht met maansverduistering, ontwaken we in Arlanc.

Hier bezoeken we de ‘Jardin pour la Terre’, een prachtige gemeentelijke tuin, waar alle werelddelen met hun specifieke bloemen en planten in kaart worden gebracht. De graspartijen fungeren als zeeën tussen de continenten. We laveren van het ene werelddeel naar het andere en om alles nog wat echter te laten lijken (we lopen over de zee zonder natte voeten), trakteren de weergoden ons op enkele stevige plensbuien! Zal het droog blijven??? Joat of nint (fonetisch West-Vlaams, speciaal voor onze nieuwe West-Vlamingen Marie-Paule en Julien).

Na de middag bezoeken we het pelletsfabriek SGA (eerste reis), waar we een zeer degelijke en interessante rondleiding krijgen. En zoals beloofd: enkele inburgeringtips voor iedereen waarvoor het West-Vlaams nog steeds moet ondertiteld worden. Da moe gedoan zin! Undertitele kost vele geld è we moete toch allemoale bespoare. Probeer doarom e ki die vervoegingn …

Ja                 Neen

ja ik: joak                   neen ik: nink
ja gij: joag                  neen gij: nèg
ja hij: joan                  neen hij: nèen
ja zij: joas                  neen zij: nèez
ja het: joat                 neen het: nent
ja wij: joam                neen wij: nèem
ja jullie: joag              neen jullie: nèeg
ja zij: joans                neen zij: nèens

Zijn: k’zien, gie ziet, jis ie, zis ie, tis ie, wieder zien, gieder ziet, zieder zien.
Hebben
: k’en, jè gie, jès ie, zès ie, tè die, wieder hèn, gieder hèt, zieder hèn.
Marie-Paule en Julien: vele koeroage!

Tijdens de tweede reis schijnt de zon volop en kunnen we met de fiets en met enkele wagens naar Issandolangettes. Van hieruit gaan we te voet op zoek naar Issandolanges, het verlaten dorp in de vallei. De resten van het kerkje, het kasteel en enkele woningen, liggen in een mooie vallei. Puffend en zwetend, maar genietend van deze mooie natuurwandeling, komen we weer bij onze fietsen en motorhomes. Gilberte gaat nog even onder haar fiets liggen ...maar zonder te veel schade, alleen … een zere voet!

Vrijdag 17 juni en 1 juli

Langs kleine, kronkelende baantjes starten we onze laatste dag van deze reis. Het laatste bezoek van de ‘Route des Metiers’ is de ‘Distillerie de Saint Hilaire’. We krijgen letterlijk in geuren en kleuren uitleg over de vervaardiging van etherische oliën. Persen van zaden, destilleren van planten, drogen van bloemen … alles wordt netjes uitgelegd.

En dan volgt onze laatste etape naar het eindpunt: Lavaudieu. De wandeling door dit mooie dorp, ‘Un des plus beaux villages de France’, is echt de moeite waard. Als afsluiter van de reis gaan we samen eten in de ‘Auberge de l’Abbaye’, boven op de berg.

Een emotionele speech van Georges en van Leo doen menig traantje wegpinken. De dankwoorden blijven niet uit.

Buiten al het moois dat we hebben gezien en ervaren zijn we ook onszelf weer tegengekomen en hebben we ervaren dat er niets gaat boven een hechte vriendengroep .

Daarom in naam van ons allemaal nog eens een hartelijke dank aan Iris, Marie Paule, Luc en Julien.

Met dank aan de verslaggevers van dienst (Agnes, Georges, Julienne, Paul, Myriam, Huguette, Leo, Marina, Anja, Pierre, Noël en Luc P.)